Dat Nederlandse zomers ook erg warm kunnen zijn, dat werd afgelopen week wel weer bewezen. Nieuwe hitterecords werden gemaakt en ook gelijk weer gebroken. Temperaturen boven de 40 oC werden er in Nederland gemeten. Hoe hebben uw koeien hierop gereageerd en wat kunt u doen om de negatieve effecten van de warmte in de toekomst te verminderen? Lees hier verder.
Lichaamstemperatuur van melkvee
Een koe is een zoogdier. Dit betekent dat het dier een constante lichaamstemperatuur heeft. Om deze constant te houden moet de koe haar lichaamstemperatuur reguleren. De thermo-neutrale zone van melkkoeien ligt tussen -0,5 ° C tot 20 ° C. Binnen dit temperatuurstraject gebruiken koeien geen extra energie om het lichaam te verwarmen of af te koelen. Wanneer de omgevingstemperatuur boven 20 ° C komt, kunnen de koeien een stabiele lichaamstemperatuur handhaven door middel van een verhoogde verdamping via zweet en door een versnelde ademhaling. Wanneer de koe actief warmte kwijt moet raken, kan er een situatie ontstaan waarbij sprake is van hittestress. In Nederland heerst vaak een relatief hoge luchtvochtigheid in de zomer, waardoor melkkoeien al een matige hittestress kunnen ervaren bij een omgevingstemperatuur van 22 °C (3).
Hittestress verminderen
Door stress ontstaan er hoge cortisolgehaltes (stresshormoon) in het bloed, dit kan net als een verhoogde ademhalingsfrequentie een verschuiving in de zuur-base balans (3,4,5) van de koe veroorzaken. Dit zorgt voor onderdrukking van het immuunsysteem van de koe, waardoor het vermogen om een infectie adequaat te bestrijden, afneemt (2). Overweeg daarom manieren om hittestress van de koeien te verminderen en zo ernstige uierontstekingen te voorkomen. Mechanische ventilatie kan de koeien helpen om efficiënter te koelen. Bij nieuwbouw kan het de moeite waard zijn isolatie van het dak te overwegen en het aantal dakvensters naar het zuiden te minimaliseren om de opwarming van de stal door de zon te beperken (3). Meerdere keren per dag vers voer aanbieden zorgt ervoor dat koeien blijven vreten en minder snel in een ernstige negatieve energiebalans komen. Een negatieve energiebalans heeft effect op de afweer van de koe, doordat neutrofielen, een belangrijke afweercel bij het voorkomen van (uier)infecties, minder goed hun werk kunnen doen. Denk daarbij ook aan de watervoorziening. Toegang tot voldoende schoon en fris water, zal de voeropname van de koe stimuleren.
Tegelijkertijd zal door het warme en vochtige klimaat in de zomer de groei van bacteriën en dus ook van E. coli en Streptococcus Uberis, in de directe omgeving van de koe doen toenemen. Zorg er daarom voor dat de ligboxen droog en schoon zijn. Doe dit door meerdere keren per dag mest en natte plekken in het achterste 1/3 deel van de ligbox te verwijderen en dit deel oppervlakkig los te harken zodat het ligbed beter kan drogen. Het om de dag strooien van kalk (50gram/ligbox) kan hier ook bij helpen. Behalve kalk bestaat er ook een aantal commerciële instrooimiddelen die extra goed desinfecteren en vocht binden waardoor de infectiedruk in de ligbox sterk verlaagt. Vooral bij warm vochtig weer is het goed om (tijdelijk) over te schakelen naar dit soort producten.
Afweer van een koe zo optimaal mogelijk houden
Gelukkig zijn er een aantal manieren om de afweer van een koe, ook ten tijde van hittestress, zo optimaal mogelijk te laten werken, namelijk vaccinatie. Startvac® is een vaccin werkzaam tegen mastitis veroorzaakt door E. coli , Klebsiella, S. aureus en CNS infecties. Vaccinatie met Startvac® heeft wat betreft E. coli en Klebsiella mastitis vooral invloed op de heftigheid van de infectie. Uit een onderzoek onder ruim 3000 koeien, bleek dat de ernst van de infectie daalde met 50% en ook de afvoer van koeien daalde met 30% (1). Deze resultaten worden ook in Nederland door met Startvac® vaccinerende veehouders gezien. Van de met Startvac® vaccinatie gestarte veehouders is 90% tevreden over de resultaten bij de jaarevaluatie en blijft dus vaccineren! Ook is er sinds september 2018 wereldwijd een vaccin beschikbaar tegen Streptococcus uberis mastitis. Streptococcus Uberis kan naast subklinische uierontsteking ook (heftige) klinische uierontsteking veroorzaken. Het vaccin UBAC® zorgt voor een daling van 55 % van het aantal klinische uierontstekingen ten gevolge van S. uberis. Daarnaast hebben koeien die een subklinische uierontsteking door S. uberis oplopen door vaccinatie een daling in het celgetal op kwartierniveau van 70 %.
De mogelijkheid tot vaccineren in het voorkomen van (heftige) uierontstekingen biedt u als veehouder de kans om de afweer van de koe op een zo hoog mogelijk niveau te laten functioneren. Wilt u meer informatie over de mogelijkheden van vaccinatie bij mastitis, neem dan contact op met uw dierenarts, of rechtstreeks met HIPRA middels het contactformulier.
Literatuur:
1) Bradley, A. J. et al. 2015. An investigation of the efficacy of a polyvalent mastitis vaccine using different vaccination regimens under field conditions in the United Kingdom. Journal of Dairy Science (98):1-15.
2) Burvenich, V. van Merris, J. Mehrzad, A. Diez-Fraile and. L. Duchateau, 2003. Severity of E. coli mastitis is mainly determined by cow factors. Vet. Res (34): 521-564.
3) I. Ohnstad. Managing heat stress in dairy cattle. https://www.nadis.org.uk/bulletins/managing-heat-stress-in-dairy-cows.aspx
4) J. W. West, 2003. Effects of heat-stress on production in dairy cattle. Journal of Dairy Science (86): 2131-2141.
5) N. Silanikove, 2000. Review article. Effects of heat stress on the welfare of extensively managed domestic ruminants. Livestock Production Science (67): 1-18.





