De overheid heeft boeren de afgelopen tien jaar onvoldoende duidelijkheid en zekerheid geboden. Wisselende regelgeving, tegenstrijdig beleid en onduidelijke besluiten zorgden ervoor dat veel agrarische ondernemers niet wisten waar ze aan toe waren. Dit had niet alleen gevolgen voor hun bedrijfsvoering, maar ook voor hun gezinnen. Dat concludeert de Nationale ombudsman na onderzoek onder boeren. Volgens ombudsman Reinier van Zutphen is nieuw landbouwbeleid alleen niet voldoende om het vertrouwen te herstellen.
Sinds 2019 voerde de Nationale ombudsman regelmatig gesprekken met boeren over hun ervaringen met de overheid. Daarbij kwam steeds dezelfde boodschap naar voren: boeren wisten niet waar ze aan toe waren. Toen de problemen en zorgen onder agrarische ondernemers verder toenamen, besloot de ombudsman vorig jaar zelf onderzoek te doen.
Overheid schoot op vier punten tekort
Uit het onderzoek blijkt volgens de Nationale ombudsman dat de overheid op vier belangrijke punten tekort is geschoten. Zo was zij onvoldoende betrouwbaar, nam zij te weinig regie, communiceerde zij onvoldoende transparant over het beleid en luisterde zij te weinig naar boeren.
De gevolgen hiervan zijn volgens Van Zutphen groot.
“De afgelopen jaren zijn niet zomaar weg of vergeten. Boeren hebben geleden onder het handelen van de overheid en de onzekerheid over hun toekomst. De overheid moet bij de uitvoering van nieuw beleid rekening houden met die ervaringen. Dat betekent erkennen wat er is misgegaan en welke gevolgen dat heeft gehad voor boeren en hun gezinnen. Alleen dan kunnen boeren weer verder met hun bedrijf en hun leven.”
Wisselende regels belemmerden investeringen
De afgelopen tien jaar kregen boeren te maken met veranderende regels op het gebied van onder meer stikstof, mest, natuur, water en dierenwelzijn. Daarbij sloten regels van verschillende overheden regelmatig niet op elkaar aan of spraken ze elkaar tegen.
Volgens de ombudsman waren boeren hiervan de dupe. De onzekerheid leidde ertoe dat ondernemers investeringen uitstelden en plannen voor verduurzaming en innovatie moeilijker konden uitvoeren.
Ook de toekomst van familiebedrijven kwam onder druk te staan. Sommige boeren twijfelen of zij hun bedrijf nog kunnen overdragen aan de volgende generatie. Daarmee raakt de onzekerheid niet alleen de bedrijfsvoering, maar ook het gezinsleven.
Drie aanbevelingen voor de overheid
De Nationale ombudsman doet drie aanbevelingen om het vertrouwen van boeren in de overheid te herstellen.
Allereerst moet het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) duidelijke langetermijndoelen vaststellen en daaraan vasthouden. Volgens de ombudsman hebben boeren behoefte aan zekerheid om investeringsbeslissingen te kunnen nemen.
Daarnaast moet het ministerie meer regie nemen over het landbouwbeleid. Regels en plannen van verschillende overheden moeten beter op elkaar aansluiten, zodat boeren niet langer te maken krijgen met tegenstrijdige voorschriften.
De derde aanbeveling is om boeren nadrukkelijker te betrekken bij besluiten die gevolgen hebben voor hun bedrijf. Overheden moeten hun kennis en ervaring beter benutten en met hen bespreken welke mogelijkheden er zijn voor de toekomst.
“Hun boerenverstand is de afgelopen jaren te vaak genegeerd”, aldus Van Zutphen.
Volgens de ombudsman ligt deze verantwoordelijkheid niet alleen bij het ministerie van LVVN, maar ook bij provincies, gemeenten en uitvoeringsorganisaties.
Erkenning van fouten noodzakelijk voor herstel vertrouwen
De Nationale ombudsman benadrukt dat erkenning van eerdere fouten niet betekent dat regelgeving voortaan ongewijzigd kan blijven. Maatschappelijke opgaven, rechterlijke uitspraken en Europese regels maken moeilijke keuzes volgens hem onvermijdelijk.
Die keuzes kunnen ingrijpende gevolgen hebben voor agrarische ondernemers.
“Voor boeren kunnen die keuzes ingrijpend zijn. Dit kan betekenen dat zij anders moeten werken, minder dieren moeten houden, hun bedrijf moeten verplaatsen of zelfs stoppen. Zij moeten daarom kunnen rekenen op een overheid die eerlijk is over wat wel en niet kan en geen beloften doet die zij niet kan waarmaken. Pas dan ontstaat weer ruimte voor boeren om die keuzes te maken. Niet alleen over hun bedrijf, maar ook over hun toekomst, hun gezin en hun leven.”
Volgens Van Zutphen moet de overheid bij de uitvoering van nieuw landbouwbeleid rekening houden met de ervaringen van boeren in de afgelopen jaren. Alleen door te erkennen wat er is misgegaan en daar in de praktijk rekening mee te houden, kan het vertrouwen worden hersteld.
Bron: Nationale ombudsman




