Waar staan we
Vanaf 2018 zullen in Nederland van verschillende kanten maatregelen opgelegd worden richting de landelijke aanpak van IBR. We voorkomen graag ernstige IBR uitbraken, maar in geval van een landelijke aanpak moeten alle bedrijven in Nederland helemaal vrij worden van IBR. Iedere koe die ooit besmet is geraakt met het IBR virus is een zogenoemde drager en kan op den duur andere koeien besmetten. Dit betekent dat IBR dragers in de toekomst voorkomen moeten worden op een bedrijf. Door intensievere monitoring de laatste jaren en inzet van tankmelkonderzoeken zijn er op dit moment volgens de GD (1 augustus 2017) in Nederland 11.000 melkveebedrijven met een IBR-status. Hiervan zijn 7.201 bedrijven IBR-vrij gecertificeerd (42,5% van alle melkveebedrijven) en 3.762 bedrijven zijn IBR Tankmelk Onverdacht. Dit betekent dat we in Nederland van 35% van alle melkveebedrijven nog geen status weten.
Ervaringen uit België
Tijdens regiobijeenkomsten in Nederland hebben 50 rundveedierenartsen kennis gemaakt met de ervaringen en problemen van het gevoerde landelijke aanpak beleid in België. Ondanks het feit dat vaccinatie tegen IBR aan de basis staat van een landelijke aanpak, blijkt het belangrijk te zijn nog steeds per bedrijf te bekijken of extra maatregelen nodig zijn om verspreiding binnen een bedrijf en insleep van buitenaf te voorkomen. Ook is een sluitend vaccinatieprogramma van groot belang gebleken, waarbij met name het tijdig vaccineren van jongvee een belangrijke rol speelt.
IBR op uw bedrijf
Op melkveebedrijven is het meten van IBR afweerstoffen in de tankmelk een goede en gemakkelijke methode om te weten of IBR dragers op het bedrijf aanwezig zijn. Op negatieve of onverdachte bedrijven kan dit heel goed met het IBR Tankmelk Onverdacht programma van de GD.
Voor IBR positieve bedrijven biedt HIPRA de mogelijkheid om de IBR status van het bedrijf inzichtelijk te maken en de voortgang of verbetering van de IBR situatie door vaccinatie op te volgen. Hiervoor kunt u zich via uw dierenarts aanmelden, waarna op regelmatige basis een tankmelkonderzoek uitgevoerd zal worden. Deze opvolging van uw IBR status is een service van HIPRA in combinatie met Hipra IBR vaccinatie, waar wat betreft laboratoriumonderzoek geen aanvullende kosten aan zijn verbonden.
Vaccinatie op maat
Richting de landelijke aanpak is het van belang dat zo weinig mogelijk nieuwe dieren besmet raken op een bedrijf. Het gaat dan niet meer alleen om het voorkomen van klinische symptomen, maar hoofdzakelijk om het beperken van de verspreiding van het IBR virus. Goede bescherming van jonge kalveren is hierbij erg belangrijk en ook in België voor de landelijke aanpak noodzakelijk gebleken. Dit kan het beste bereikt worden door vaccinatie met een IBR vaccin wat een goede werkzaamheid heeft, ondanks aanwezigheid van afweerstoffen die het kalf gekregen heeft via de biest van zijn moeder. Het IBR vaccin van HIPRA garandeert dat, ondanks de gekregen afweerstoffen via de moeder, het vaccin toch zijn werk kan doen en het kalf en uw bedrijf een optimale bescherming heeft. De gekregen afweerstoffen van de moeder hebben namelijk maar een korte levensduur van een aantal maanden en zullen hierdoor niet voor elk kalf lang genoeg bescherming geven tegen IBR.
Wilt u meer informatie over de mogelijkheid van tankmelkonderzoek door Hipra en IBR bestrijding, neem dan contact op met uw eigen dierenarts of direct met Hipra via het contact formulier.





