“Het maakt niet uit wat je doel is binnen het melkveebedrijf, je hebt altijd gezonde koeien nodig.” Tijdens de inspiratiedag van ABZ Diervoeding deelde Jochem Geurts, dierenarts bij Wellensiek Dierenartsen, zijn inzichten in de belangrijkste oorzaken van afvoer van koeien op melkveebedrijven. Uiergezondheid, klauwproblemen en vruchtbaarheid spelen hierin een belangrijke rol. Aan de hand van deze thema’s deelt Geurts praktische aandachtspunten om gezondheidsproblemen bij koeien te voorkomen en gerichter keuzes te maken in afvoer.
“Met gezonde koeien kun je je doelen makkelijker halen en ook verleggen”, start Geurts zijn presentatie tijdens de inspiratiedag van ABZ Diervoeding in Putten. “Tegelijk wil je vrijwillige keuzes maken in afvoer.” Volgens CRV wordt echter 50 tot 70 procent van de koeien afgevoerd vanwege gezondheidsredenen. Daarbij spelen klauw-, uier- en vruchtbaarheidsproblemen de grootste rol. “Daarom is het belangrijk om continu te kijken: waarom verlaten koeien mijn bedrijf? Vervolgens moet je die oorzaken aanpakken.”
Aandacht voor uiergezondheid
Binnen de belangrijkste afvoerredenen vormt uiergezondheid een eerste aandachtspunt. “Uiergezondheid begint bij de speenpunten. Het slotgat is de natuurlijke barrière, maar bij eeltvorming ontstaan daarin kleine openingen. Daardoor kunnen bacteriën makkelijker binnendringen. Als je dat ziet, dan is dat een signaal dat er iets misgaat. Daarnaast speelt de droogstand een belangrijke rol. Je wilt koeien met zo min mogelijk melkdruk droogzetten. Daardoor ervaren ze minder stress en herstellen ze beter. Ook een droogzetgroep kan helpen om de productie geleidelijk te verlagen.”
Naast de conditie van de speen speelt ook de dagelijkse melkroutine een belangrijke rol in het beperken van uierproblemen. “Wacht je 60 tot 90 seconden tussen voorbehandelen en aansluiten, dan verloopt de melkstroom optimaal. Daardoor worden speenpunten minder belast en is de melktijd korter. Te vroeg of te laat aansluiten zorgt juist voor vertraging en extra belasting.”
Schoon afkalven
“Vruchtbaarheid begint al bij het afkalven. Je moet schoon werken, zodat er zo min mogelijk vervuiling in de baarmoeder komt. Daardoor kan de baarmoeder sneller herstellen en is de koe eerder klaar voor een volgende dracht. Daarnaast is het van belang om extra aandacht te besteden aan koeien die problemen hebben ervaren rond het afkalven. Door ze eerder te controleren of extra te ondersteunen, voorkom je dat kleine problemen groter worden.”
Lopen op Nike Air Max
“De conditie van een koe is direct verbonden met klauwgezondheid. In de klauw zit een vetkussen dat werkt als demping. Je kunt het vergelijken met een schoenzool: als de koe in een goede conditie is, dan heeft ze bij wijze van spreken Nike Air Max aan. Als de conditie daalt, onttrekt de koe vetten uit andere delen van het lichaam, waaronder het vetkussen. Daardoor wordt de demping in de klauw minder. De belasting op de klauw neemt toe en ontstaan sneller problemen. Vooral op harde vloeren speelt dit een grote rol. Het voorkomen van conditieverlies is dus belangrijk. Dat begint in de droogstand. Zorg voor voldoende voer- en ligplaatsen, zodat koeien kunnen liggen en staan wanneer ze willen. Hoe meer droge stof ze opnemen in de droogstand, hoe beter de opname na afkalven. Uiteindelijk leidt dat tot een betere gezondheid en hogere productie.”
Dat vraagt niet alleen aandacht voor de koe, maar ook voor de omgeving waarin zij beweegt. “Een koe is gemaakt om met 2 kilometer per uur over een lange, rechte, schone en verende ondergrond te lopen. Als we kijken naar de gemiddelde koeienstal, dan wringt dat best wel op een paar punten. Hoewel het enorm veel voordelen heeft om koeien in een stal te houden, zijn de meeste stallen niet langer dan 100 meter, bestaan de vloeren over het algemeen uit beton, ligt er overal mest op de roosters en voor de meeste veehouders is 2 kilometer per uur wel een beetje langzaam. Houd daarom, als je aan de gang gaat met klauwgezondheid, altijd in gedachten waar de klauwen van koeien voor zijn bedoeld.”
Klauwgezondheid begint bij vaarzen
De gevolgen van deze belasting beginnen al vroeg in het leven van de koe. “Wanneer koeien langdurig staan, ontstaat er verhoogde belasting op twee specifieke punten in de klauw. Dit kan leiden tot het ontstaan van een zoolzweer of een bloeding in de punt van de klauw. Onder dergelijke bloedingen kan zich nieuwe botvorming ontwikkelen. Deze botvorming gaat nooit meer weg. Dit is te vergelijken met een situatie waarin je als het ware continu met een steentje in je schoen loopt. Bij een goede klauwconditie – vergelijkbaar met een goed dempende zool – blijven de belasting en het ongemak beperkt. Bij een verminderde conditie daarentegen, kan dit worden vergeleken met lopen op harde klompen met een steentje erin, wat het ongemak aanzienlijk vergroot.
In de praktijk blijkt dat circa 80 procent van de vaarzen in Nederland al zoolbloedingen vertoont. Dit betekent dat er op jonge leeftijd al veranderingen in de inwendige structuur van de klauw optreden, die niet meer herstellen. Juist daarom is het belangrijk om al bij vaarzen te beginnen met het voorkomen van klauwproblemen.”
Voeropname en pensgezondheid
Naast vruchtbaarheid en klauw- en uiergezondheid speelt voeropname een centrale rol in de algehele gezondheid van de koe. De pens vormt de spil van de productie bij de koe. “Voor melkveehouders is het daarom belangrijk om continu te beoordelen wat het verstrekte voer doet met de koe. Daarbij gaat het niet alleen om opname, maar ook om pensvulling, conditie en mestconsistentie – allemaal meetbare signalen die direct samenhangen met de voerstrategie.
Idealiter vreet een koe tien tot veertien keer per dag kleine porties. In die situatie blijft de pens-pH stabiel en komt deze zelden onder de kritieke grens, waardoor de pens continu optimaal functioneert. Wanneer de voerfrequentie echter afneemt, gaan koeien compenseren door grotere porties in één keer te vreten. Dit leidt tot een sterke piekbelasting in de pens, waarbij meer penssappen worden aangemaakt en de pH onder de kritieke waarde zakt. Het gevolg is ongemak of zelfs buikpijn, waarna de koe moet herstellen voordat ze opnieuw voer opneemt. Dit patroon herhaalt zich, waardoor de penswerking sterk schommelt en minder efficiënt wordt.”
Aan de buitenkant is pensvulling goed te beoordelen; een ingevallen pens is een duidelijk waarschuwingssignaal. Wanneer meerdere koeien dit laten zien, betekent dit dat er in de afgelopen periode te weinig opname is geweest. In dat geval is het essentieel om de oorzaak te achterhalen, zoals ziekte, kreupelheid of problemen in het voermanagement. Je zou altijd moeten kunnen bedenken waarom een koe een lege pens heeft.”
Tekst: Esmee Groot Roessink




