Elk melkveebedrijf heeft er mee te maken; uiergezondheidsproblemen. Voor het ene bedrijf uit dit zich in koeien met ernstige uierontstekingen, het andere bedrijf heeft meer problemen met een te hoog tankcelgetal. Om te weten welke maatregelen het meest effectief zijn, is het ten eerste belangrijk om te weten welke kiemen de problemen veroorzaken. Lees hier meer welke testmethode op elk bedrijf kan worden toegepast!

De Uddercheck®, simpel uitvoerbaar en een betrouwbare uitslag!
Wilt u ook weten welke kiemen op uw bedrijf uierontstekingen of het hoge tankcelgetal veroorzaken? Hipra biedt hiervoor de Uddercheck® aan. Bij de Uddercheck® wordt een tankmelkmonster en een monster van meerdere mastitis koeien tezamen (de mastitis pool) ingestuurd. Beide melkmonsters worden onderzocht op de meest voorkomende mastitis kiemen; Streptococcus uberis, E. coli, Stafylococcus aureus, CNS en Klebsiella (die onder de groep coliformen valt). Voor het mastitis monster kunnen zowel hoog celgetal monsters als melkmonsters van koeien met een klinische uierontsteking worden ingestuurd, die worden gemengd tot de mastitispool. Uw dierenarts kan de monsters voor u verzamelen en insturen naar het laboratorium van Hipra in Spanje. De monsters worden onderzocht op DNA van de 5 meest voorkomende mastitis verwekkers. Hierdoor is de test erg betrouwbaar en spelen beperkingen, die er bij een gewone kweek zijn (bijvoorbeeld geen groei of vervuiling), een kleinere rol.
Toename van omgevingsgebonden kiemen als E. coli en Streptococcus uberis
In de periode van 2013 tot nu zijn bij Hipra van meer dan 920 melkveebedrijven uit Nederland en België melkmonsters ingestuurd voor onderzoek met de Uddercheck®. In onderstaande grafiek is zichtbaar in welke percentages de mastitis kiemen voorkwamen. De uitslagen van de tankmelk en de mastitispool zijn hierbij gecombineerd.

Grafiek 1: Aandeel (%) van mastitiskiemen in Udderchecks® ingestuurd in NL en België
Wat opvalt is dat de Coagulase negatieve Stafylococcen (CNS) in bijna alle monsters zijn aangetoond. Deze mastitiskiem bestaat echter uit een grote groep bacteriën waarvan een groot deel uit niet ziekmakende, koe eigen, bacteriën bestaat. Daarnaast zien we dat E. coli een tweede plek inneemt en gemiddeld in 63% van de monsters werd aangetoond. Streptococcus uberis neemt toe in prevalentie tot 51% in 2017, iets wat ook in de praktijk duidelijk wordt waargenomen. Het aandeel van Stafylococcus aureus neemt met gemiddeld 29% een derde plek in, hoewel het wat aandeel betreft dalende lijkt te zijn. Hoewel Klebsiella met gemiddeld 13% geen groot aandeel inneemt zijn de verschijnselen van deze bacterie wel ernstig en zijn de gevolgen op bedrijven die er mee te maken hebben groot.
Wat kan ik met de uitslag?
Wanneer de uitslag bekend is zal uw dierenarts deze met u bespreken. Aan de hand hiervan kan worden bekeken welke maatregelen het meest positieve effect kunnen hebben op de uiergezondheid op uw bedrijf. Heeft u veel last van E. coli mastitis? Een verbetering van de algemene hygiëne is dan van cruciaal belang. Speelt op uw bedrijf echter Stafylococcus aureus een grote rol, dan zal overdracht tijdens het melken moeten worden voorkomen. In het algemeen geldt dat de infectiedruk omlaag moet worden gebracht en de weerstand omhoog. Bij omgevingskiemen als E. coli en S. uberis zijn een schone omgeving en schone koeien van belang om de infectiedruk te verlagen. De weerstand kan sterk worden verbeterd door vaccinatie. Door te vaccineren tegen mastitis maakt een koe afweerstoffen aan tegen de kiemen die mastitis veroorzaken waardoor ze een infectie sneller en beter te lijf kan gaan. Het vaccin Startvac® is werkzaam tegen E. coli en Stafylococcus aureus mastitis, het nieuwe vaccin UBAC® helpt tegen mastitis veroorzaakt door Streptoccus uberis.
Wilt u meer informatie over de mogelijkheden van de UDDERCHECK®, neem dan contact op met uw eigen dierenarts of direct met Hipra via het contact formulier.





