Rijst lijkt op het eerste gezicht een te exotisch gewas voor Nederlandse omstandigheden. Volgens universitair hoofddocent Maarten Schrama van de Universiteit Leiden kan rijst in de toekomst echter ook onderdeel worden in het teeltplan van de Nederlandse agrariër. Tijdens de Boerendag van Wij.land op 4 september in Ter Aar vertelde hij dat de eerste proeven in het veenweidegebied bij Leiden veelbelovende resultaten laten zien.
Schrama presenteerde de resultaten van experimenten in het zogeheten PolderLab, een 33 hectare groot onderzoeksgebied van Land van Ons bij Oud Ade. Daar onderzoeken wetenschappers, boeren en studenten verschillende manieren om het veenweidegebied toekomstbestendig te maken. Rijstteelt is er daarvan één die de nodige belangstelling trekt.
Klimaatverandering verschuift teeltgebieden
Volgens Schrama veranderen de mogelijkheden voor landbouwgewassen in Europa snel door klimaatverandering. Europese rijst wordt momenteel in Zuid-Europa verbouwd. Maar in veel gebieden in bijvoorbeeld Spanje en Italië is steeds vaker sprake van watertekorten. Daarom wordt het vizier steeds vaker noordelijk gericht. Onderzoekers van de Universiteiten van Leiden en Wageningen waren benieuwd of rijst ook in Nederlandse veenweidegebieden zou kunnen worden geteeld. Het gewas past immers goed bij natte omstandigheden, terwijl een hoog waterpeil juist gewenst is om bodemdaling tegen te gaan.
Rijst is een economisch interessant gewas en het kan bovendien bijdragen aan het beperken van bodemdaling. Percelen moeten voor de teelt van rijst immers onder water blijven en hebben dus baat bij een hoge grondwaterstand.
Eerste proeven verlopen succesvol
De onderzoekers werken inmiddels enkele jaren aan praktijkproeven met rijst, samen met boeren in de Boterhuyspolder bij Leiden. Daarbij worden de jonge planten in het voorjaar uitgeplant op onder water gezette percelen.
Volgens Schrama groeit de rijst verrassend goed. In korte tijd ontwikkelen de planten zich tot een gesloten gewas dat in augustus al aren vormt. De huidige proefpercelen beslaan ongeveer 0,6 hectare.
Een eerste inschatting van een rijstspecialist wijst op een potentiële opbrengst van ongeveer 4.000 kilogram nat geoogst product per hectare. Na drogen, pellen en polijsten blijft er onder goede omstandigheden zo’n 3.0000 kilogram verkoopbare rijst per hectare over. Dat is voorzichtig geschat. Het is wel fors minder dan de opbrengst die in andere landen wordt gehaald. Een ervaren rijstteler in Zwitserland haalt volgens Schrama onder optimale omstandigheden ongeveer 8.000 kilogram per hectare.

Weinig methaanuitstoot
Een veelgehoorde zorg rond rijstteelt is de uitstoot van methaan. Wereldwijd gelden rijstvelden als een belangrijke bron van dit broeikasgas. De metingen in het Leidse experiment laten echter een ander beeld zien. Volgens Schrama komt er opvallend weinig methaan vrij uit de Nederlandse rijstvelden. De onderzoekers vermoeden dat dit samenhangt met het relatief korte groeiseizoen in Nederland. In tropische gebieden blijven rijstvelden vaak langdurig of zelfs het hele jaar onder water staan, soms met meerdere teelten per jaar. In Nederland is die periode veel korter. De onderzoekers gaan dit nog verder uitzoeken.
Kansen voor weidevogels
Naast de landbouwkundige resultaten viel nog iets anders op. In het voorjaar trokken de onder water gezette rijstvelden veel vogels aan. Volgens Schrama werd op de percelen intensief gefoerageerd door weidevogels. De tijdelijke plas-drasomstandigheden die ontstaan voordat de rijst wordt geplant, lijken aantrekkelijk voor vogels die voedsel zoeken. Of rijstteelt ook daadwerkelijk bijdraagt aan een hoger broedsucces van weidevogels is nog niet onderzocht. Wel constateerde Schrama dat onder meer grutto’s en tureluurs veel gebruik maakten van de natte percelen.
Veenweidegebied straks rijstteeltgebied?
Bestaat het Zuid-Hollandse veenweidegebied in de toekomst uit uitsluitend rijstvelden? Schrama denkt van niet en hoopt ook niet dat het zover komt. De onderzoeker vindt variatie belangrijk. Volgens hem ligt de uitdaging voor het optimaal benutten van de veenweidegebieden in een slimme combinatie van grasland, natte teelten en andere functies. Maar dat rijstteelt een bouwsteen kan zijn voor een toekomstbestendig veenweidelandschap sluit hij zeker niet uit. De onderzoekers gaan er verder mee aan de slag. “Een teelthandleiding voor rijst onder Nederlandse omstandigheden komt eraan”, belooft Schrama.
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: Hilde Harshagen




