Het microbiologische middel Kopros lijkt onder praktijkomstandigheden invloed te hebben op de samenstelling van rundveemest en mogelijk ook op het stikstofverlies in de stal. Toch is op basis van het beschikbare onderzoek nog niet bewezen hoeveel ammoniakuitstoot het middel daadwerkelijk kan besparen.
Dat blijkt uit twee onderzoeken van Wageningen Livestock Research. De onderzoeken lijken op het eerste gezicht tot verschillende conclusies lijken te komen. Een eerste proef vond geen effect op de ammoniakemissie, terwijl een latere praktijkstudie juist aanwijzingen gaf voor minder ammoniakverlies.
Geen effect in gecontroleerde proef
In de eerste studie werd onderzocht of mest die was behandeld met Kopros minder ammoniak uitstootte. Onder gecontroleerde omstandigheden werden mest en urine uit behandelde en onbehandelde opslag vergeleken. Gedurende twee proefronden van 29 dagen werd de ammoniakemissie continu gemeten.
De onderzoekers vonden geen significant verschil tussen de behandelde en onbehandelde mest. Op basis van deze proef kon daarom niet worden geconcludeerd dat Kopros de ammoniakemissie verlaagt.
Praktijkproef liet ander beeld zien
Een tweede onderzoek werd uitgevoerd in een melkveestal, waar een deel van de roostervloer met Kopros werd behandeld. Daarbij werden wel duidelijke verschillen in de mest gevonden.
Zo bevatte de behandelde mest 67 procent minder vluchtige vetzuren en 11 procent minder organische stof. Tegelijkertijd lagen het ammoniumgehalte, de pH en het totale stikstofgehalte hoger dan in onbehandelde mest. Volgens de onderzoekers tonen deze resultaten aan dat de toegediende micro-organismen daadwerkelijk invloed hebben op biologische processen in de mest.
Aanwijzingen voor minder stikstofverlies
Vooral de hogere stikstof-fosforverhouding in de behandelde mest trok de aandacht van de onderzoekers. Die verhouding lag namelijk 2,6 procent hoger dan in de controlegroep. Omdat fosfor niet vervluchtigt en stikstof wel verloren kan gaan, zien de onderzoekers dit als een aanwijzing dat minder stikstof uit het behandelde staldeel is verdwenen.
Een belangrijk voorbehoud is echter dat ammoniak in deze proef niet rechtstreeks werd gemeten. De conclusie is gebaseerd op veranderingen in de mestsamenstelling en niet op directe emissiemetingen.
Onderzoeken spreken elkaar niet tegen
Het lijken tegenstrijdige uitkomsten, maar de onderzoeken hoeven elkaar niet tegen te spreken. De eerste proef keek naar de ammoniakuitstoot van behandelde mest onder gecontroleerde omstandigheden. De tweede onderzocht wat er gebeurt wanneer Kopros langdurig via de stalvloer invloed uitoefent op het volledige mestproces.
Omdat de werking van Kopros gebaseerd is op microbiologische processen, kunnen factoren als tijd, temperatuur, zuurstof en de omstandigheden in de mestkelder een belangrijke rol spelen. Die omstandigheden zijn in een laboratoriumproef lastig volledig na te bootsen.
Ook aandachtspunten
De praktijkproef leverde nog wel stof tot nadenken op. De behandelde mest had een hogere pH en bevatte meer ammonium. Onder bepaalde omstandigheden kunnen juist deze factoren de kans op ammoniakvervluchtiging vergroten, bijvoorbeeld na het uitrijden van de mest. Niet alleen de emissie in de stal is van belang, maar moet ook gekeken worden naar verliezen tijdens opslag en aanwending van de mest.
Voorzichtige conclusie
De huidige stand van zaken is dat we weten dat Kopros effect heeft. De praktijkproef laat zien dat het product biologische processen in mest beïnvloedt en mogelijk helpt om stikstof beter vast te houden. Tegelijkertijd is nog niet vastgesteld hoeveel ammoniakuitstoot daarmee daadwerkelijk wordt voorkomen. Daarvoor zijn langdurige praktijkmetingen nodig waarin de emissie uit behandelde en onbehandelde stalafdelingen rechtstreeks wordt vergeleken.
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: beeldarchief Prosu BV




