Melkveehouders en dierenartsen kunnen bij het gebruik van mastitisvaccin STARTVAC® voortaan kiezen uit twee geregistreerde vaccinatiestrategieën. Naast het bestaande individuele vaccinatieschema is nu ook een groepsprotocol opgenomen in de registratie van het middel.
Volgens fabrikant HIPRA maakt de uitbreiding het gemakkelijker om de vaccinatieaanpak af te stemmen op de uiergezondheidssituatie en bedrijfsvoering van een melkveebedrijf.
Bij het individuele protocol wordt het moment van vaccineren afgestemd op de verwachte afkalfdatum van afzonderlijke dieren. Die aanpak kan bijvoorbeeld passen op bedrijven waar mastitisproblemen vooral rond het afkalven optreden.
Het groepsprotocol biedt de mogelijkheid om dieren meer bedrijfsmatig volgens één vaccinatieschema te vaccineren. Dit kan volgens HIPRA een optie zijn op bedrijven waar mastitis gedurende de lactatieperiode binnen het koppel een terugkerend aandachtspunt is.
Meer ruimte voor bedrijfsspecifieke aanpak
De registratie-uitbreiding verandert niet dat mastitispreventie uit meerdere onderdelen bestaat. Naast vaccinatie spelen onder meer melktechniek, hygiëne, huisvesting, management en de weerstand van de dieren een rol.
Met twee geregistreerde protocollen kunnen dierenarts en melkveehouder nu bepalen welke vaccinatiestrategie het beste aansluit bij de situatie op het bedrijf.
STARTVAC® is geregistreerd voor actieve immunisatie van runderen met als doel het optreden van subklinische mastitis en de incidentie en ernst van klinische mastitis te verminderen. De registratie heeft betrekking op mastitis veroorzaakt door onder meer Staphylococcus aureus, E. coli, coliformen en non-aureus stafylokokken (NAS/CNS).
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: HIPRA




