In Nederland is het aantal IBR-uitbraken op melkveebedrijven in 2025 en 2026 toegenomen. Volgens de cijfers van 2025 en de eerste helft van 2026 zijn vooral IBR-vrije bedrijven getroffen. De infecties zijn verspreid door het land vastgesteld, met een relatief hogere concentratie in het oosten. Diagnostiek via tankmelkonderzoek, klinische signalering en neusswabs spelen een belangrijke rol bij het vaststellen van besmettingen. Daarnaast wordt aanvullend onderzoek uitgevoerd om mogelijke verbanden tussen uitbraken in kaart te brengen.
Meer uitbraken bij IBR-vrije bedrijven
Volgens de beschikbare cijfers zijn er in 2025 in totaal 26 uitbraken vastgesteld op IBR-vrije melkveebedrijven. Hiervan vonden 15 gevallen plaats in november en december. In 2026 zijn tot nu toe 24 melkveebedrijven met een uitbraak geregistreerd, waarbij het jaar nog niet halverwege is.
Deze ontwikkeling laat zien dat het aantal besmettingen hoger ligt dan gemiddeld. Daarom blijft alertheid op klinische verschijnselen noodzakelijk, ongeacht de IBR-status of het type bedrijf. De gemelde symptomen zijn onder andere neus- en ooguitvloeiing, snurken, koorts, verminderde eetlust, daling van de melkproductie, verwerpen en in sommige gevallen sterfte.
Verspreiding en regionale concentratie
De IBR-uitbraken doen zich verspreid over Nederland voor. Volgens de meldingen is er sinds mei een duidelijke toename zichtbaar in een tweecijferig postcodegebied in het oosten van het land. Daar zijn in de afgelopen weken vijf melkveebedrijven met een uitbraak geregistreerd.
De diagnose is op verschillende manieren gesteld, waaronder tankmelkonderzoek, klinische observatie met bevestiging via neusswabs en verwerpersonderzoek. Daarnaast werd bij twee vleesveebedrijven zonder IBR-status virale circulatie vastgesteld via neusswabonderzoek.
Diagnostiek en vervolgonderzoek
Het erkende GD laboratorium voert het onderzoek van neusswabmonsters uit. Aanvullend sequentieonderzoek (Whole Genome Sequencing, WGS) wordt uitgevoerd op virusstammen uit recente uitbraken.
Dit onderzoek moet duidelijk maken of er genetische verbanden bestaan tussen verschillende uitbraaklocaties en -momenten.
Preventie en informatie-uitwisseling
Besmette bedrijven nemen, naast vaccinatie, aanvullende hygiënemaatregelen om verdere verspreiding te beperken. De IBR-preventiechecklist helpt om om risico’s op insleep en verspreiding in kaart te brengen.
Daarnaast wordt het belang benadrukt van tijdige communicatie met omliggende bedrijven en erfbetreders om verdere verspreiding te beperken.
Bron: Royal GD




