Regenwormen spelen een belangrijke rol in de bodem van landbouwpercelen. Ze verwerken organisch materiaal, maken gangen en dragen daarmee bij aan de bodemstructuur, waterhuishouding en beschikbaarheid van nutriënten. Voor melkveehouders is het daarom van belang om bij het beheer van grasland rekening te houden met de omstandigheden voor regenwormen.
Een landbouwbodem bevat verschillende soorten regenwormen die ieder een andere functie vervullen. Sommige soorten leven voornamelijk in de bovenste bodemlaag en verwerken daar organisch materiaal. Andere soorten bevinden zich dieper in de bodem en maken verticale gangen.
Juist die combinatie van verschillende soorten regenwormen is van belang voor het functioneren van de bodem. Door hun activiteit wordt organisch materiaal afgebroken en door de bodem gemengd.
Gangen verbeteren waterinfiltratie
Een belangrijke bijdrage van regenwormen is het maken van gangen. Deze zorgen voor poriën in de bodem waardoor lucht en water zich gemakkelijker kunnen verplaatsen. Regenwater kan hierdoor sneller de bodem binnendringen.
Dat is relevant tijdens zowel natte als droge perioden. Een goede waterinfiltratie kan bij hevige neerslag helpen om water sneller in de bodem te laten zakken. Tegelijkertijd kan een goede bodemstructuur eraan bijdragen dat water beschikbaar blijft voor het gewas.
Verdichting kan deze functie van de bodem juist beperken. Door het samendrukken van de grond worden de poriën kleiner, waardoor water, lucht en plantenwortels zich moeilijker door de bodem kunnen bewegen. Vooral het berijden van natte landbouwgrond met zware machines vergroot het risico op verdichting.
Organisch materiaal als voedselbron
Regenwormen leven onder meer van dood organisch materiaal. Gewasresten, wortels en dierlijke mest vormen daarmee een belangrijke voedselbron. Bij de afbraak hiervan komen nutriënten beschikbaar die opnieuw door planten kunnen worden opgenomen.
De omstandigheden in de bodem bepalen in belangrijke mate hoeveel regenwormen aanwezig zijn. Naast voldoende voedsel spelen onder meer vocht, temperatuur, zuurgraad en bodemstructuur een rol.
Een bodem met voldoende organische stof biedt doorgaans betere omstandigheden voor regenwormen dan een bodem waarin weinig organisch materiaal beschikbaar is.
Bodembewerking heeft invloed
Ook de manier waarop een perceel wordt beheerd, heeft invloed op regenwormen. Intensieve bodembewerking kan de gangen verstoren en regenwormen beschadigen. Daarnaast kan het onderwerken of verwijderen van organisch materiaal gevolgen hebben voor hun voedselaanbod.
Op permanent grasland is de bodemverstoring doorgaans kleiner dan op bouwland. Voor melkveehouders betekent dit echter niet dat de regenwormpopulatie vanzelf op peil blijft. Ook bodemverdichting, ontwatering en de beschikbaarheid van organisch materiaal spelen een rol.
Bij het gebruik van zware machines is vooral de toestand van de bodem van belang. Een natte bodem is gevoeliger voor verdichting. Het beperken van zware belasting onder natte omstandigheden helpt daarom niet alleen om structuurschade te voorkomen, maar draagt ook bij aan het behoud van een geschikte leefomgeving voor het bodemleven.
Regenworm als indicator
De aanwezigheid van regenwormen kan ook informatie geven over de toestand van een bodem. Bij het graven van een profielkuil kan naast beworteling, structuur en vocht worden gekeken naar het aantal en de verschillende typen regenwormen.
Een groot aantal regenwormen betekent niet automatisch dat de bodem op alle onderdelen goed functioneert. Wel vormen regenwormen samen met andere kenmerken een praktische indicator van het bodemleven.
Voor melkveehouders ligt de belangrijkste rol van regenwormen uiteindelijk onder de graszode. Door organisch materiaal te verwerken en gangen te maken, dragen ze bij aan processen die belangrijk zijn voor de groei van gras: een goede bodemstructuur, waterinfiltratie en het beschikbaar komen van nutriënten. Bodembeheer dat verdichting beperkt en voldoende organisch materiaal beschikbaar houdt, biedt tegelijkertijd gunstigere omstandigheden voor regenwormen.
Bron: Groen Kennisnet




