De Europese Commissie wil in de periode 2028–2034 45 miljard euro extra uittrekken voor landbouwsubsidies. Deze extra middelen zijn onderdeel van een politiek compromis: in ruil voor steun van EU-lidstaten voor het handelsverdrag met de Mercosur-landen Brazilië, Argentinië, Uruguay, Paraguay en Bolivia.
Met dit voorstel hoopt de Commissie met name landen als Frankrijk en Italië over de streep te trekken. In deze landen bestaan grote zorgen over extra concurrentie voor boeren door de vrijhandelsafspraken met Zuid-Amerika.
Van bezuiniging naar extra steun
In een eerder voorstel voor het nieuwe Meerjarig Financieel Kader wilde de Commissie juist fors snijden in het landbouwbudget. Minder geld zou beschikbaar komen voor landbouwsubsidies en ondersteuning van economisch zwakkere regio’s, waarbij lidstaten meer vrijheid kregen om zelf te bepalen of zij middelen aan de agrarische sector besteden.
In het aangepaste begrotingsvoorstel is die koers deels bijgesteld. Vanaf 2028 zou circa 45 miljard euro extra rechtstreeks beschikbaar komen voor ondersteuning van boeren binnen de Europese Unie. Daarmee probeert de Commissie zekerheid te bieden over de toekomst van het landbouwbeleid.
Zorgen over concurrentie blijven
Met name in Frankrijk en Italië leeft de vrees dat het handelsverdrag met de Mercosur-landen leidt tot oneerlijke concurrentie door import van landbouwproducten tegen lagere productiestandaarden. Tegelijkertijd willen deze landen garanties dat hun boeren kunnen blijven rekenen op voldoende Europese ondersteuning.
Op 7 januari werden de landbouwministers van de EU-lidstaten in Brussel geïnformeerd over het aangepaste voorstel. In de komende periode moet blijken of de extra landbouwmiddelen voldoende zijn om het draagvlak voor het Mercosur-verdrag te vergroten.

