Voor de komende dagen worden hoge temperaturen voorspeld, met waarden van 25°C en hoger. Vanaf 27°C en hoger gaat het Nationaal Plan voor veetransport tijdens extreme temperaturen in werking. Het is daarom belangrijk om als veehouder alert te zijn op signalen van hittestress en tijdig maatregelen te nemen om hittestress bij dieren zoveel mogelijk te voorkomen
Hittestress bij melkvee ontstaat vaak al voordat het extreem warm aanvoelt. Hittestress kan al kan ontstaan op het moment dat wij het gewoon lekker weer vinden. Door een combinatie van temperatuur, luchtvochtigheid, beperkte ventilatie en te weinig ruimte kunnen koeien hun lichaamswarmte onvoldoende kwijt. Dat betekent in de praktijk dat koeien ook buiten de zomerperiode meerdere keren per dag hittestress kunnen ervaren. Houd daarom niet alleen de temperatuur in de gaten, maar vooral het gedrag van de koe. Signalen zoals hijgen, minder herkauwen en een lagere voeropname kunnen aantonen dat koeien hun warmte niet kwijt kunnen. Vooral in wachtruimtes of delen van de stal waar warme lucht blijft hangen, kan dit snel optreden.
Effecten van hittestress reiken ver
Hittestress heeft directe gevolgen voor de melkproductie, maar kan later ook leiden tot gezondheidsproblemen zoals klauwproblemen, verminderde weerstand en een lagere vruchtbaarheid. Deze effecten kunnen, volgens onderzoek van de Universiteit van Florida, zelfs effect hebben op het ongeboren kalf. Vaarskalveren van koeien die hittestress hebben ervaren, produceren later minder melk. Dit effect kan doorwerken tot in de tweede en derde lactatie. Daarmee heeft hittestress directe gevolgen voor de toekomstige productie van het bedrijf.
Hittestress voorkomen
Daarom is het belangrijk om tijdig maatregelen te nemen, zoals voldoende ventilatie, schaduw, koel en voldoende drinkwater, frisse voeding en genoeg ruimte voor de dieren. Bij warmte kan een koe tot 40 liter extra water drinken. Voldoende schoon drinkwater zorgt voor een stabiele voeropname. Maak drinkbakken daarom dagelijks schoon en controleer de drinkwaterkwaliteit regelmatig door een monster te nemen en te ruiken.
Ook het voorkomen van opstoppingen in wachtruimtes en het beperken van zoninstraling kunnen helpen om de belasting voor de koeien te verminderen.
Tekst: Esmee Groot Roessink




