Op donderdag 16 oktober 2025 kwamen de melkveehouders uit de extensiveringsgroepen Wei12 en Rond de Gooimeren samen op melkveebedrijf De Tolakker in Utrecht. De bijeenkomst maakte onderdeel uit van de projecten rond extensivering in en nabij stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden en de Demonstratiebedrijven die door DLV Advies worden begeleid. De dag stond volledig in het teken van kennisuitwisseling, praktijkervaring en vakmanschap.
Bemesting onder druk: zoeken naar nieuwe balans
De ochtend startte met een inhoudelijke sessie door Edith Finke, adviseur mest & mineralen bij DLV Advies. Zij schetste de uitdagingen waar extensieve melkveehouders vanaf 2026 mee te maken krijgen. De maximaal toegestane hoeveelheid stikstof uit dierlijke mest daalt naar 170 kg N/ha, maar voor deelnemers aan dit project ligt die norm zelfs tussen 100 en 150 kg N/ha. Kunstmest is niet toegestaan.
Dat vraagt om andere keuzes én goed inzicht in bodem, mest en ruwvoer. Minder bemesting betekent vaker meer onkruiddruk, zeker op natuurgronden en bufferstroken. Planten als Lidrus en Jacobskruiskruid vormen daarbij risico’s: beide zijn giftig, waarbij Lidrus bovendien lastig te bestrijden is. Edith deelde verschillende aanpakken, maar benadrukte dat de praktijk vaak weerbarstig is.
Bodem en mestkwaliteit als fundament
Vervolgens ging Edith in op bodemvruchtbaarheid. Factoren zoals organische stof, C/N-verhouding, pH en gebruikte stalmaterialen beïnvloeden de opname en benutting van nutriënten. “Meten is weten,” benadrukte ze. “Grond- en mestmonsters geven precies aan wat de bodem vraagt en wat mest werkelijk bevat.” Een opvallend inzicht: het gebruik van meer vaste mest stimuleert het bodemleven en verhoogt het organische-stofniveau, wat belangrijk is voor een veerkrachtige bodem.
De Tolakker: praktijkbedrijf én onderwijslocatie
IJmert de Vries, bedrijfsleider van De Tolakker, gaf de deelnemers een inkijk in de werkwijze van het bedrijf. De Tolakker is de onderwijs- en onderzoeksboerderij van de Faculteit Diergeneeskunde. Studenten leren hier over diergezondheid, voeding en gedrag. Er lopen diverse onderzoeken, waaronder het bekende project ‘Kalf bij de koe’, waarin wordt gekeken naar het effect van later scheiden op kalverwelzijn.
Na de lunch volgde een rondleiding langs melkvee, varkens en schapen. Medewerker Anton liet zien hoe de dieren worden gehuisvest en hoe het bedrijf praktisch wordt gerund.
Veel melken met veel ruwvoer
Het middagprogramma werd verzorgd door Henry van Ittersum van Euro Koe IDEE. Met zijn verhaal over de vier magen, structuurwaarden (NDF, ADF, ADL) en de balans tussen smakelijkheid, energie en structuur, wist hij de aanwezigen direct te boeien.
Hij lichtte onder andere toe:
- waarom luzerne een uitstekend en smakelijk ruwvoer is
- hoe een juiste voersamenstelling helpt om ureum te verlagen
- welke signalen wijzen op problemen met eiwitbenutting, zoals schuimende urine of nefrose
Daarnaast besprak hij het belang van een droge kuil: hogere DVE, lager onbestendig eiwit en betere conservering.
Samen leren in de praktijk
De bijeenkomst op De Tolakker liet duidelijk zien hoe waardevol het is om ervaringen te delen en samen te zoeken naar werkende oplossingen. Extensiever boeren vraagt niet alleen aanpassingen in bemesting en ruwvoer, maar vooral vakmanschap, nieuwsgierigheid en samenwerking.
DLV Advies blijft de deelnemende groepen begeleiden richting een toekomstbestendig, extensief bedrijfsmodel — met aandacht voor bodem, diergezondheid, natuur én rendement.
Bron: DLV Advies
Beeld: archief Prosu




