Sprayen en dippen zijn al decennialang vertrouwde onderdelen binnen het melkproces. Ooit vooral bedoeld als directe barrière tegen mastitisverwekkers, verschuift de focus van spray- en dipmiddelen tegenwoordig steeds meer richting verzorging van de speenhuid. Die ontwikkeling is volgens dierenarts Nele Gyselinck een logische stap. “Sprayen en dippen wordt meer een cosmetisch verhaal, maar dan wel in de goede zin van het woord. Een goede speenconditie is essentieel voor de uiergezondheid én voor een vlot melkproces.”
“De basis van sprays en dips is nog altijd de ontsmettende component”, legt Nele Gyselinck uit. Zij is werkzaam bij Kersia, leverancier van onder meer uierverzorgingsproducten en hygiëne- en gezondheidsproducten voor de melkveehouderij.
“Het kritische moment na het melken is het eerste half uur tot uur. Dan staat het slotgat nog open en is het risico op besmetting met kiemen groot. Elk dip- of spraymiddel heeft tot doel de koeien goed te beschermen en het risico op besmetting op dit moment zo minimaal mogelijk te houden.”
Maar een modern dip- of spraymiddel werkt veel breder, legt Gyselinck uit. Huidverzorging speelt een steeds grotere rol. Die verschuiving hangt nauw samen met ontwikkelingen in de sector. Door de opkomst van automatisch melken worden koeien vaker gemolken. Waar twee melkbeurten per dag vroeger gebruikelijk waren, bezoeken sommige koeien nu vier keer per dag de robot. Dat betekent simpelweg meer belasting voor de speenhuid.
“Juist daarom is een goede verzorging belangrijk”, zegt Gyselinck. “Dat geldt niet alleen op robotbedrijven, maar ook in de melkstal. Gezonde spenen zorgen voor een vlotter melkproces. Hoe makkelijker en sneller een koe uitgemolken is, hoe minder belasting voor de speen dit betekent. Bovendien komen koeien met gezonde spenen ook makkelijker de melkstal binnen, omdat ze weten dat ze probleemloos gemolken worden. Dat levert ook direct tijdwinst op.”
Het slotgat als kritische factor
Het meest cruciale deel van de speen is het slotgat, onderaan de speen. Dit kleine stukje huid vormt de natuurlijke barrière tegen ziekteverwekkers.
“Het slotgat moet elastisch blijven en goed sluiten”, benadrukt Gyselinck. “Als de huid daar droog, broos of beschadigd raakt, kan het slotgat uitpuilen en minder goed afsluiten. Dan blijven de deuren letterlijk openstaan voor mastitiskiemen. Door goed te sprayen of te dippen met een middel met een huidverzorgende component kun je het verschil maken.”
Maar ook de rest van de speen verdient aandacht. Een soepele, intacte huid zonder kloven is essentieel. Moderne uierproducten bevatten componenten die uitdroging en kloofvorming tegengaan.
“Kloven maken het reinigen van de speen lastiger en verhogen het risico op infecties. Vergelijk het met je handen in de winter: dan krijg je ook sneller kloven in de huid van je vingers. Die zijn dan moeilijker schoon te houden.”
Verschillende manieren van speenverzorging
Volgens Gyselinck zijn er verschillende manieren waarop spray- en dipmiddelen bijdragen aan speenverzorging. Denk aan het vetter maken van de huid. Door toevoeging van oliën blijft de huid soepel en ontstaan minder snel kloven.
Ook verbetering van de elasticiteit en de gladheid van de huid is belangrijk. Een gladde, soepele speen zorgt namelijk voor een efficiënter melkproces. Hydratatie van de huid zorgt ervoor dat er vocht wordt toegevoegd aan diepere huidlagen, waardoor deze soepel en gezond blijft. Er zijn ook componenten die ervoor zorgen dat de huid het vocht goed vasthoudt.
Cosmetische kennis
Om haar spray- en dipassortiment zo goed mogelijk af te stemmen op de behoeften van melkveehouders, maakt Kersia gebruik van de expertise van bedrijven die de bestanddelen voor de uierverzorgingsproducten leveren.
Gyselinck: “Zij hebben veel kennis van huidverzorging en het effect dat producten hierop hebben. Maar dan vooral bij mensen, waar cosmetische producten vaak worden ingezet om huidveroudering tegen te gaan. De uiteindelijke selectie van welke cosmetische componenten in een spray- of dipmiddel worden gebruikt, gebeurt op basis van kennis, uitgebreide labo- en veldtesten en de ervaring die Kersia door de jaren heen heeft opgebouwd op het vlak van speenhuidkwaliteit, -ondersteuning en -bevordering.”

Wisselen van middelen
Vaak werken melkveehouders met een vast uierverzorgingsproduct. Soms wordt er gewisseld. Zo wordt er bijvoorbeeld in de winter een wat vettere dip ingezet om verschraling van spenen tegen te gaan. Ook wordt er wel eens overgestapt op een ander product omdat zich bepaalde huidproblemen voordoen.
In dat geval doen melkveehouders een beroep op hun leverancier voor aangepast advies. Bij twijfel kunnen zij steeds terecht bij hun adviseur.
Uiergezondheidsproducten blijven evolueren
Gyselinck ziet de komende jaren de vraag naar nog meer huidverzorgende producten toenemen. Binnen Kersia wordt hier dan ook volop aan gewerkt. Verder zal de populariteit van sprayen boven dippen volgens de dierenarts blijven toenemen.
Daarnaast ziet zij een ontwikkeling waarbij naast ready-to-use-uierproducten ook geconcentreerde producten worden gelanceerd die op het melkveebedrijf zelf in de juiste verhouding kunnen worden verdund. “Dit kan enorm schelen in de logistiek.”
Sprayen of dippen?
Leveranciers bieden hun producten doorgaans in zowel dipvariant als sprayvariant aan, afgestemd op de werkwijze van het bedrijf. Steeds meer melkveehouders kiezen voor sprayen in plaats van dippen. Dat heeft vooral te maken met de toename van melkrobots, die alleen kunnen sprayen. Ook in de melkstal wint sprayen terrein vanwege de hogere werksnelheid. Om die reden wordt de vraag naar hoogkwalitatieve cosmetische spraymiddelen groter.
Toch heeft sprayen ook aandachtspunten. Zo is de kans groter dat de speen niet volledig wordt geraakt en is de zichtbaarheid (door minder kleur) beperkter. Dipmiddelen zijn dikker en beter zichtbaar, wat de controle vergemakkelijkt.
Op bedrijven waar de uiergezondheid onder druk staat, wordt daarom soms tijdelijk overgeschakeld op dippen vanwege de hogere effectiviteit.
Voorschuimen bespaart tijd
Predippen of voorschuimen kan een belangrijke maatregel zijn tegen uiergezondheidsproblemen. Het voorkomt dat zich via de spenen in de tepelvoeringen een overmaat aan ziekteverwekkers ophoopt, die bij het stoppen van de melkbeurt rechtstreeks de speen in kunnen worden geduwd.
Gyselinck stelt dat voorschuimen ook positief werkt op de huid van de spenen, waardoor de melkbeurt aangenamer verloopt.
“Goed voorschuimen wordt vaak gezien als een extra handeling, waardoor het melken langer duurt. Dat laatste klopt echter niet. Door goed voor te schuimen en goed voor te behandelen, stimuleer je de melkafgifte. De melk wordt sneller afgegeven. Dit is goed voor de koe en compenseert ruimschoots de extra tijd die de veehouder erin heeft gestoken. Het bespaart dus tijd.”
Tekst: Gerben Hofman
Beeld: Twan Wiermans





