Loonbedrijf Koonstra uit Vinkenbuurt (Overijssel) is deze zomer gestart met de inzet van een aangepaste kappenspuit in de maisteelt. De techniek is bedoeld om hardnekkige onkruiden, zoals Zuid-Afrikaanse gierst, gericht te bestrijden zonder de mais te raken. Hoewel de machine nog volop in de testfase zit, zijn de eerste ervaringen positief.
Begin juli reed Loonbedrijf Koonstra voor het eerst met de aangepaste kappenspuit door de mais. De machine, die oorspronkelijk is ontwikkeld voor de aardappelteelt, is aangepast zodat deze ook tussen de maisplanten kan rijden. De kappen van de spuit zijn gestuurd en lopen op wieltjes, waardoor ze de gewasrijen goed volgen en de maisplanten beschermen tegen het toegepaste middel. De voorkeur ligt volgens eigenaar Harry Koonstra bij een behandeling wanneer de mais ongeveer 80 centimeter hoog is, al kan de techniek ook bij een gewashoogte van 120 centimeter nog worden toegepast. “Het streven is om wat later in het seizoen te behandelen, zodat je alles goed kunt raken. Eén keer behandelen zou afdoende zijn.”
Aanleiding voor de aangepaste machine is de toename van Zuid-Afrikaanse gierst in de regio. Dit onkruid komt pas later in het seizoen op, wanneer de reguliere middelen in de mais onvoldoende effect hebben. “We zijn hier begin juli mee begonnen. Achteraf hadden we graag wat eerder willen starten, maar we hadden de machine nog niet klaar.”

Bestrijding hardnekkige onkruiden
Volgens Koonstra is bestrijding voor opkomst momenteel de beste manier om Zuid-Afrikaanse gierst te onderdrukken. “Als je weet dat Zuid-Afrikaanse gierst op een perceel voorkomt, moet je eigenlijk al vóór de opkomst van de mais spuiten. Daarmee kun je het onkruid redelijk onderdrukken. Komt het later in het seizoen toch weer op, dan wordt bestrijding lastig. Er zijn wel gewasbeschermingsmiddelen met een toelating in de mais die effectief zijn tegen Zuid-Afrikaanse gierst, maar daar is de mais niet tegen bestand. Dankzij de afschermende kappen wordt de mais ontzien.” Naast Zuid-Afrikaanse gierst ziet Koonstra ook mogelijkheden om de techniek in de toekomst in te zetten tegen knolcyperus.
Dit seizoen is de kappenspuit nog op beperkte schaal ingezet. “We hebben nu drie hectare met de kappenspuit behandeld. Omdat de kappenspuit eigenlijk te laat beschikbaar was.” Ondanks de beperkte inzet merkt het loonbedrijf dat telers actief vragen naar een behandelmethode van hardnekkig onkruid. “Ik krijg geregeld vragen naar een oplossingen tegen Zuid-Afrikaanse gierst. Telers hadden vorig jaar veel hinder van dit onkruid.” Volgens Koonstra kan het onkruid zich bovendien relatief snel verspreiden. “Als je het in het perceel hebt staan is het goed denkbaar dat je het met hakselen meeneemt van het ene perceel naar het andere perceel.”

“Resultaten lijken goed”
Koonstra is nog volop aan het testen met de techniek. “De afstellingen van de spuit moeten we nog optimaliseren. We moeten daarbij nog ondervinden wat de mais wel en niet kan hebben. Dat zijn we nu aan het beoordelen. Tot nu toe lijken de eerste resultaten goed.” De belangrijkste vraag is volgens Koonstra of alle onkruidplanten voldoende geraakt worden zonder het gewas de beschadigen.
De komende periode blijft Koonstra de techniek verder testen en optimaliseren. Met de kappenspuit wil het loonbedrijf inspelen op uitdagingen in de teelt. “Wij zien een probleem en daar bedenken we een oplossing voor.”
Tekst: Esmee Groot Roessink
Beeld: Loonbedrijf Koonstra




